|
Zoeken binnen de woordenlijst.
|
|
|
|
| Totaal |
| Pagina's: «1 2 3 4 » |
| Executie van een vonnis | Tenuitvoerlegging van een arrest, vonnis of beschikking. |
| | |
| Executoriaal beslag | Handeling van de deurwaarder om bepaalde voorwerpen of gelden aan de macht van de verliezende partij te onttrekken zodat daarmee degene die door de rechter in het gelijk is gesteld zijn voorwerpen terug krijgt of zijn schuld betaald krijgt. |
| | |
| Executoriale titel | Vorm waarin een afschrift van een rechterlijk vonnis is opgemaakt, zodat de gerechtsdeurwaarder het vonnis ten uitvoer kan leggen. Een vonnis in executoriale vorm begint altijd met de woorden "In naam der koningin". |
| | |
| Exploot (of exploit) | Verzamelnaam voor officiële stukken die uitsluitend door een gerechtsdeurwaarder kunnen worden uitgebracht, bijvoorbeeld een dagvaarding. |
| | |
| Faillissement | Een gerechtelijk beslag en executie van het gehele vermogen van de schuldenaar ten behoeve van zijn gezamelijke schuldeisers. |
| | |
| Formeel recht | Regels die aangeven op welke wijze een proces moet worden gevoerd. |
| | |
| Geïntimeerde | Partij die in de dagvaarding door de appellant opgeroepen wordt om voor een hoger gerecht te verschijnen. |
| | |
| Gedaagde | Degene tegen wie een eis of vordering wordt gericht. Tegenpartij van de eiser. |
| | |
| Gemachtigde | Iemand die als vertegenwoordiger namens een partij optreedt in de procedure (bijvoorbeeld een gerechstdeurwaarder). |
| | |
| Geopposeerde | Tegenpartij in een civiele procedure. Zie ook: Verzet. |
| | |
| Gerecht | Rechtsprekende instantie. Bijvoorbeeld: rechtbank, gerechtshof, Hoge Raad. |
| | |
| Gerechtsdeurwaarder | Een bij koninklijk besluit benoemde openbaar ambtenaar, die belast is met het uitbrengen van dagvaardingen en andere exploten en het verrichten van ontruimingen, inbeslagnemingen en executoriale verkopingen. Een deurwaarder kan ook optreden als proces- of rolgemachtigde en rechtsbijstand verlenen. |
| | |
| Gerechtshof | Gerecht dat zaken in hoger beroep behandelt. Nederland kent vijf gerechtshoven. |
| | |
| Gerechtssecretaris | De gerechtssecretaris (of: juridisch medewerker) bereidt ten behoeve van de rechter de zitting voor en maakt aantekeningen van wat er tijdens de zitting wordt besproken. Bovendien assisteert de gerechtssecretaris de rechter bij het maken van de uitspraak. |
| | |
| Gerekestreerde | Wederpartij van de verzoeker in een verzoekschriftprocedure. |
| | |
| Grief | Bezwaar dat in (hoger) beroep wordt aangevoerd. |
| | |
| Griffier | Persoon die een verslag maakt van de zitting en de rechter ondersteunt bij het schrijven van een vonnis. |
| | |
| Griffierecht | Bedrag dat aan een gerecht moet worden betaald wanneer men een civiele of bestuursrechtszaak start. |
| | |
| Grondwet | In de grondwet staan de grondrechten en plichten van burgers, en de bevoegdheden van het parlement, de ministers en de Koningin. Er staat in hoe gemeenten en provincies moeten functioneren, hoe wetten worden gemaakt en hoe de rechtspraak in zijn werk gaat. |
| | |
| Grosse | Het afschrift van het vonnis dat de partij die in het gelijk gesteld is ontvangt. |
| | |
| Hof / hoven | Zie: Gerechtshof. |
| | |
| Hoge Raad | Hoogste rechtscollege in Nederland. De Hoge Raad stelt niet zelf de feiten vast, maar bekijkt of het gerechtshof bij zijn beslissing het recht goed heeft toegepast. |
| | |
| Hulpofficier van justitie | Hogere politieman met speciale opleiding en speciale bevoegdheden die bij het binnentreden van een woning assisteert. |
| | |
| Huwelijksgoederenregister | Openbaar register bij de rechtbank waarin de huwelijkse voorwaarden zijn vermeld. |
| | |
| Immateriële schade | Schade die wordt veroorzaakt door verdriet, smart of geestelijk gemis. Deze schade is (in tegenstelling tot materiële schade) niet direct in geld uit te drukken. De vergoeding die wordt uitgekeerd om immateriële schade te vergoeden heet smartengeld. |
| | |
| Incidenteel appèl | Hoger beroep, ingesteld nadat de wederpartij ook al appèl heeft ingesteld tegen dezelfde beslissing. |
| | |
| Incidenteel tussengeschil | Voorval in een procedure dat de gewone voortgang van het proces ophoudt. |
| | |
| Inlichtingencomparitie | Het op bevel van de rechter verschijnen van partijen om inlichtingen te geven. |
| | |
| Insolventie | Staat waarin een persoon of onderneming niet aan zijn financiële verplichtingen kan voldoen. Gaat soms vooraf aan faillissement. |
| | |
| Invorderingskosten | Invorderingskosten (buitengerechtelijke incassokosten) in euro, berekend aan de debiteur als er nog geen dagvaarding is verstuurd.
| Omvang vordering |
Kosten (incl.) |
| tot en met 250 |
44,03 |
| van 250 tot en met 500 |
89,25 |
| van 500 tot en met 1.250 |
178,50 |
| van 1250 tot en met 2.500 |
357,00 |
|
| | |
| Juridisch medewerker | De juridisch medewerker (of: gerechtssecretaris) bereidt ten behoeve van de rechter de zitting voor en maakt aantekeningen van wat er tijdens de zitting wordt besproken. Bovendien assisteert de juridisch medewerker de rechter bij het maken van de uitspraak. |
| | |
| Jurisprudentie | Geheel van uitspraken van rechters. De jurisprudentie vormt een richtlijn voor de rechtspraak in latere, soortgelijke gevallen. |
| | |
| Justitia, Vrouwe Justitia | Godin der gerechtigheid in het oude Rome. Vaak afgebeeld op met blinddoek, weegschaal en zwaard. |
| | |
| Kamer | Onderdeel van een rechterlijk college, zoals een strafkamer, belastingkamer, vreemdelingenkamer of militaire kamer. Zie ook: Enkelvoudige kamer en Meervoudige kamer. |
| | |
| Kantonrechter | De kantonrechter behandelt zowel civiele zaken als strafzaken. Het is een alleensprekende rechter die zaken als overtredingen uit het strafrecht, arbeidszaken, huurzaken en zaken onder de € 5.000,00 behandelt. Vroeger was het kantongerecht een apart gerecht naast de rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad. De kantongerechten zijn opgegaan in de rechtbanken. De term ‘kantonrechter’ is echter wel blijven bestaan. |
| | |
| Kantonrechtersformule | Afspraken tussen de kantonrechters over de wijze waarop de hoogte van een vergoeding bij een ontbinding van een arbeidsovereenkomst wordt berekend. |
| | |
| Kort geding | Procedure om in een spoedeisende zaak snel een beslissing van de rechtbank te krijgen. Dit is een voorlopige uitspraak. Hierna kunnen de partijen alsnog naar de rechtbank gaan om de zaak voor te leggen (de 'bodemprocedure'). |
| | |
| Kracht van gewijsde | Een vonnis heeft ‘kracht van gewijsde’ als daartegen geen beroep meer mogelijk is. |
| | |
| Landsadvocaat | Zelfstandig advocaat die het rijk adviseert of namens het rijk optreedt als raadsman. |
| | |
| Lijdelijk | In het civiele recht is 'de rechter lijdelijk'. Dat betekent dat hij alleen beslist op de geschilpunten die de partijen zelf naar voren brengen en een afwachtende houding aanneemt. In het strafproces en het bestuursproces is de rechter daarentegen leidend. Hij onderzoekt de zaak die aan hem wordt voorgelegd. |
| | |
| Magistratuur | Alle leden van de rechterlijke macht, dus rechters (zittende magistratuur) en de leden van het Openbaar Ministerie (staande magistratuur). |
| | |
| Materiële schade | Schade die direct in geld is uit te drukken. |
| | |
| Mediation | Alternatieve methode om geschillen buiten de rechter om op te lossen. Wordt ook alternatieve geschillenbeslechting of ADR genoemd. |
| | |
| Meervoudige kamer | Een kamer van een gerecht, bestaande uit ten minste drie rechters. De meervoudige kamer beslist over zware of ingewikkelde zaken. Zie ook: Enkelvoudige kamer. |
| | |
| Meineed | Valse eed. Getuigen die opzettelijk niet de waarheid spreken bij de rechtbank, maken zich schuldig aan meineed. |
| | |
| Memorie van Antwoord | Datgene wat de gedaagde aanvoert tegen hetgeen de eiser stelt in een appèlprocedure in civiele zaken. |
| | |
| Memorie van Grieven | Datgene wat de eiser vordert in een hoger beroepprocedure. |
| | |
| Minuut | Origineel exemplaar van een gerechtelijk stuk (bijvoorbeeld een vonnis), dat blijft bij degene die het heeft opgesteld (griffier). |
| | |
| Mondeling vonnis | Vonnis dat meteen na de behandeling wordt uitgesproken. |
| | |
| Niet-ontvankelijk | Niet vatbaar voor berechting. De niet-ontvankelijkheid wordt bepaald door de rechter, bijvoorbeeld omdat een zaak te lang heeft gelegen of omdat de termijn waarbinnen het beroep binnen had moeten zijn, is overschreden. In het strafrecht kan ook het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zijn als bijvoorbeeld de opsporing en vervolging niet fatsoenlijk zijn verlopen. |
| | |