Overzicht
|
| Zoeken binnen de woordenlijst. | |
| Totaal | |
| Pagina's: 1 2 3 4 » | |
| Woord | Omschrijving |
| Aanhangig maken | Het starten van een procedure bij de rechter; in een strafproces gebeurt dat door een dagvaarding of een oproep van de officier van justitie, in een civiel proces door een dagvaarding van de eiser aan de andere partij, of een verzoekschrift aan de rechter. |
| Aanleg | De rechterlijke instantie waar de behandeling van een zaak plaatsvindt. De rechtbank is de eerste aanleg, het gerechtshof de tweede aanleg oftewel de hoger-beroepsinstantie. |
| Absolute competentie of bevoegdheid | Bij het uitbrengen van een dagvaarding spelen in het algemeen twee vragen een rol. Ten eerste moet altijd worden vastgesteld welke 'soort' rechter bevoegd is om een zaak te behandelen. In de meeste gevallen zal het dan gaan om vast te stellen of men bij de 'gewone' rechter of bij de kantonrechter moet zijn. Dit is de vraag van de absolute competentie. Ten tweede moet men vaststellen in welk arrondissement de rechter dient te worden benaderd. Dit is de vraag van de relatieve competentie. |
| Advocaat | Raadsman of raadsvrouw in juridische aangelegenheden. Een advocaat moet zijn ingeschreven bij de rechtbank en is ook lid van de Nederlandse Orde van Advocaten. |
| Akte | Ondertekend geschrift dat als bewijs kan dienen. |
| AppĂšl | Opkomen tegen een daarvoor vatbare uitspraak bij een hogere instantie. |
| Appellant | Degene die in hoger beroep gaat. |
| Arbitrage | Vorm van geschillenbeslechting waarbij niet de rechter, maar een of meer door de partijen zelf aangewezen scheidsrechters (arbiters) een uitspraak doen. |
| Arrest | Uitspraak van een gerechtshof of de Hoge Raad. |
| Arrondissement | Rechtsgebied. Nederland is verdeeld in negentien arrondissementen, met elk een rechtbank en een arrondissementsparket. Zie ook: Ressort. |
| Arrondissementsparket | Het kantoor van het Openbaar Ministerie in een arrondissement. Op het arrondissementsparket werken de officieren van justitie en ondersteunend personeel onder leiding van een hoofdofficier van justitie. De parketten zijn gevestigd in dezelfde steden als de rechtbanken. |
| Belanghebbende | Iemand die betrokken is bij een besluit of geschil en daar (rechtstreeks) belang bij heeft. |
| Bemiddeling | Een alternatieve manier om tot een oplossing van geschillen te komen. Een onafhankelijke deskundige bemiddelaar verleent hulp om partijen tot elkaar te brengen. |
| Benadeelde partij | Iemand die door een strafbaar feit schade heeft ondervonden. Een benadeelde partij kan zich voegen in het strafproces om als slachtoffer schadevergoeding van de dader vorderen. |
| Beroep | Hoger beroep |
| Berusting | Het neerleggen bij een rechtelijke uitspraak. De partij die berust heeft kan geen rechtsmiddel meer instellen. |
| Beschikking | 1. Een beslissing van een overheidsorgaan in een concreet geval, bijvoorbeeld het verlenen van een bouwvergunning. |
| Beslag | Handeling van de deurwaarder om bepaalde voorwerpen of gelden aan de macht van de verliezende partij te onttrekken zodat daarmee degene die door de rechter in het gelijk is gesteld zijn voorwerpen terug krijgt of zijn schuld betaald krijgt. |
| Beslagvrije Voet | Het gedeelte van het periodieke inkomen waar geen beslag op gelegd kan worden. |
| Bestuursorganen | Organen die belast zijn met overheidstaken, zoals het College van Burgemeester en Wethouders of een bedrijfsvereniging. |
| Betekening | Uitreiking van gerechtelijke stukken, zoals een dagvaarding, een oproeping of een vonnis. |
| Bewaring | Zie: Inbewaringstelling |
| Bewijslast | De verplichting tot het leveren van bewijs in een proces. |
| Bodemprocedure | Term die gebruikt wordt om de normale procedure bij de rechtbank af te zetten tegen het kort geding. |
| Burgerlijk recht | Zie: Civiel recht |
| Cassatie, in cassatie gaan | In beroep gaan bij de Hoge Raad tegen een beslissing van een lagere rechter |
| Casseren | Het vernietigen van een uitspraak van een lagere rechter door de Hoge Raad. |
| Civiel recht | Recht dat betrekking heeft op geschillen tussen burgers onderling, tussen bedrijven onderling of tussen burgers en bedrijven. Het civiel recht wordt ook burgerlijk recht of privaatrecht genoemd. |
| Comparitie van partijen | Na de eerste schriftelijke ronde worden de partijen meestal opgeroepen om in persoon te verschijnen bij de rechtbank. Dat heet comparitie. Beide partijen mogen dan mondeling aan de rechter uitleggen hoe volgens hun de zaak zit. De partijen zijn niet verplicht om voor de rechter te verschijnen. Ze mogen ook hun standpunt op papier zetten en zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde. De rechter kan eventueel getuigen oproepen. Een getuige is verplicht te verschijnen. De rechter stelt hem als eerste vragen. Daarna kunnen de eiser en gedaagde vragen stellen aan de getuige. De rechter kan ook een deskundige vragen onderzoek te doen. |
| Competentie | Geeft aan welke rechter bevoegd is voor welke soort zaak. Zie ook: Absolute competentie. |
| Conclusie van antwoord | Het eerste verweer van de gedaagde tegen hetgeen de eiser stelt in een civiel proces. |
| Conclusie van repliek | Datgene wat de eiser aanvoert ter weerlegging van hetgeen de gedaagde in de conclusie van antwoord heeft gesteld. |
| Conservatoir beslag | Beslag op goederen na toestemming van een rechter, vooruitlopend op een uitspraak over een geschil. |
| Contra-expertise | Tegenonderzoek door een deskundige. |
| Cumulatie | In burgerlijk procesrecht: samenvoeging van meerdere rechtsvorderingen. |
| Curator | 1. Persoon die door de rechtbank wordt aangewezen om op te treden namens iemand die handelingsonbekwaam is (onder curatele is gesteld). 2. In faillissementen is de curator degene die het vermogen van degene die failliet is gegaan te gelde maakt en verdeelt over de schuldeisers. |
| Dagvaarding | Oproep om voor het gerecht te verschijnen. |
| Descente | Een bezichtiging door de rechter op de plaats van het delict, de plek waar de oorzaak van het geschil zichtbaar is of waar het geschil zich afspeelt (‘plaatsopneming’). |
| Deurwaarder | Een bij koninklijk besluit benoemde openbaar ambtenaar, die belast is met het uitbrengen van dagvaardingen en andere exploten en het verrichten van ontruimingen, inbeslagnemingen en executoriale verkopingen. Een deurwaarder kan ook optreden als proces- of rolgemachtigde en rechtsbijstand verlenen. |
| Dingtalen | Het mondeling bepleiten van de zaak door partijen in een civiel proces. |
| Discretionaire bevoegdheid | De vrije beslissingsruimte van de rechter. |
| Dupliek | Het antwoord van de gedaagde op de conclusie van repliek door de eiser (civiele zaken) |
| Dwangsom | Bedrag dat iemand moet betalen als hij niet voldoet aan een verplichting die de rechter hem heeft opgelegd. |
| Eed van belofte | Plechtige verklaring van een getuige op de zitting dat hij de waarheid zal spreken. Hij is dit verplicht. Als hij opzettelijk een valse verklaring aflegt, maakt hij zich schuldig aan meineed. |
| Eerste en enige instantie | Procedure zonder de mogelijkheid om in beroep te gaan. |
| Eerste instantie (eerste aanleg) | Gerecht waar iemand begint met een procedure. Meestal is dat de rechtbank. |
| Eiser | Degene die een (civiele) procedure begint, in tegenstelling tot de gedaagde. |
| EnquĂȘte | Zitting waarin de rechter getuigen hoort in een civiele zaak. |
| Ex nunc | Vanaf nu. Beoordeling ex nunc is een beoordeling vanuit de huidige situatie en niet vanuit de situatie die bestond ten tijde van de gebeurtenis. |
| Ex tunc | Vanaf toen. Beoordeling ex tunc is een beoordeling naar de situatie die bestond op het moment dat de gebeurtenis plaats vond. |
